vrijdag 31 mei 2013

Je ne parle pas Francais

Als een duveltje uit een doosje duiken er twee dames op als we een klein kerkje betreden.
Ze kraaien ons van harte welkom en doen meteen alle lichten aan zodat we de expositie van de plaatselijke school voor kunstnijverheid goed kunnen bekijken. Tja, dat hebben we niet verwacht achter de oude kerkdeuren. Alle klassen zijn opgetrommeld mee te doen gezien de kwaliteit van de tentoongestelde stukken. We willen niet onaardig zijn en bezichtigen een aantal kunstwerken.
De gebrandschilderde ramen van het kerkje vallen een beetje weg vanwege de aangebrachte panelen om de hedendaagse kunst te showen.
Als we het kerkje willen verlaten worden we door één van de dames staande gehouden.
Ze heeft een lijst in haar handen en wil een uitgebreide uitleg beginnen.
Ik haast me in mijn beste Frans te zeggen.
“Je ne parle pas Francais”, maar zij steekt, in nog beter Frans, van wal.
Pas als ik zeg: Je ne comprends pas, je suis de Pays-Bas.” houdt ze teleurgesteld haar mond.

Wij wensen de dames een “bon journee” en maken ons snel uit de voeten.

Je ne parle pas francais

Dat zei ik in mijn beste Frans tegen de vrijwilliger die ons in nog beter Frans tekst en uitleg wilde geven over de expositie van de plaatselijke school voor kunst en nijverheid. Alle klassen waren opgetrommeld om mee te doen. De kwaliteit  van de stukken verschilde nogal. Wij hadden het kerkje betreden voor het gebrandschilderde raam en wisten van geen expositie.
Pas toen ik zei: "Je ne comprend pas, je suis de Pays-Bas hield ze teleurgesteld haar mond.
Wij maakten ons uit de voeten nadat we de dames nog een bon journee hadden gewenst.

zondag 12 mei 2013

Een kanarie in een kooitje

foto ferrara

Mevrouw Laarman heeft een indicatie voor het verzorgingshuis.
Ze is in afwachting van meneer Fluitsma die met haar een intakegesprek zal hebben.
Haar grootste zorg betreft de poezen Bert en Ollie die ze van een vakantiereis in Italië heeft
overgehouden. Zij en de poezen zijn onafscheidelijk.
Als meneer Fluitsma zijn opwachting heeft gemaakt en aan de thee zit, confronteert ze hem meteen met haar twee metgezellen. Wat haar betreft hoeft het gesprek niet lang te duren als Fluitsma niet bereid is haar twee poezen ook op te nemen in zijn tehuis.
Hij probeert haar uit te leggen hoe moeilijk het is om huisdieren te houden in een verzorgingshuis. Honden moeten worden uitgelaten en poezen geven veel werk als de kattenbakken gereinigd moeten worden. 
Een kanarie in een kooitje mag, maar daar ligt ook de grens.
Mevrouw Laarman gruwt bij het idee.
Toen haar echtgenoot overleed heeft ze daar veel verdriet van gehad, maar dat ze de volière met inhoud kon opruimen heeft een enorme opluchting gegeven.
Ze kreeg de zenuwen van het gefladder en getjilp dat de hele dag was te horen.  Het was de grote liefde van haar man en die heeft ze hem gegund. Dat haar liefde voor de kat erbij inschoot heeft ze op de koop toegenomen. 

Als ze na zijn overlijden samen met een vriendin met de bus naar Italië gaat valt ze daar pardoes voor een stel zwerfkatten dat dagelijks hun appartement bezoekt.
Ze ziet zich kans de beestjes mee te smokkelen naar Nederland en daar liggen ze nu al vijf jaar naar tevredenheid in haar vensterbank.
Meneer Fluitsma zet alle zeilen bij om haar te overtuigen van de gezelligheid die een zingende kanarie toch kan bieden. En dat het schoonmaken van een vogelkooitje minder belastend is dan het schoonmaken van de kattenbak. Twee katten zal ook vast stank geven in de kamer waar ze gaat wonen.
“Ik ga helemaal nergens wonen”, zegt mevrouw Laarman. “Geef die indicatie maar aan iemand die van kanaries houdt.”
Zonder Bert en Ollie komt ze niet naar het verzorgingshuis, laat dat Fluitsma duidelijk zijn.
Dat zijn naam haar ook niet bevalt laat ze achterwege.

Op en Rond de Deur

Handige Deurklinken
Klik voor het blog op de deurklink
rechts op de pagina

vrijdag 10 mei 2013

Tegenstelling

Overdadig-Armoedig
Na afloop van de markt in Turijn
overdadig afval oogt armoedig
foto ferrara


donderdag 9 mei 2013

#50 Books

Vraag 17
Hoe behandel jij je boeken?

Ik ben opgevoed met boeken en lezen en vooral zuinig zijn op je boeken. Toen ik jong was, was een boek een kostbaar bezit. Erin schrijven of een ezelsoor maken was niet aan de orde.
Het kost me nog altijd moeite een boek op zijn kop weg te leggen.
Ik ben een gebruiker van boekenleggers die ik op vakantiereizen als souvenir aanschaf.
De verzamelaar in mij kan het niet laten originele exemplaren te zoeken.
Ooit heeft een vriend een Ex-Libris voor me ontworpen. Ik plak het in de boeken die me dierbaar zijn en het zorgt ervoor dat uitgeleende exemplaren bij mij terugkomen.
Met studieboeken sprong ik minder voorzichtig om. Waar ik dat nodig achtte maakte ik, zonder wroeging, aantekeningen.

woensdag 8 mei 2013

Schrijfcursus (slot)

Laatste opdracht.
Schrijf een stukje tekst over het boek dat je zou willen zijn.

Horen, zien en schrijven

Als boek val ik in de categorie korte verhalen of columns. Mijn inhoud is voortgekomen uit het dagelijks leven. Inspiratie daarvoor is uit de omgeving gehaald.
Elk hoofdstuk is een verhaal op zich. Een observatie, een belevenis of een afgeluisterd gesprek.
Ik lig op nachtkastjes, keukentafels en op de leuning van de bank.
Mijn verhalen zijn ongecompliceerd en bezorgen de lezer een glimlach op de lippen.
Als je mij hebt weggelegd en na enige tijd weer oppakt hoef je niet terug te bladeren met de vraag: ‘Wie deed het met wie?’ Of: ‘Was het de butler of de tuinman die het lijk zag drijven?’
Mijn formaat leent zich voor reistas en rugzak. Ik ben op alle fronten een lichtgewicht leesboek en aangenaam reisgezelschap.
In de boekhandel lig ik het liefst op dezelfde tafel als Sylvia Witteman of in de kast bij Martin Bril zou ook goed kunnen. Hun roem zal dan een beetje op mij afstralen. Wie weet helpt het bij de verkoop.
Je moet ook als boek wat te dromen hebben.

boekhandel in Limoges-Frankrijk
foto ferrara


dinsdag 7 mei 2013

Schrijfcursus

Vandaag was de laatste keer en kregen we ook ons laatste huiswerk terug
De opdracht:
Laat een schoen of schoenen over jou vertellen.
Ik heb het commentaar deels verwerkt. Aan het begin van het verhaal had ik onvoldoende duidelijk gemaakt wie tegen wie sprak en dat heb ik inmiddels aangepast.
De rest van het commentaar is intact gelaten en (nog) niet verwerkt.

Seizoensgebonden


‘Wat denk je’, zegt de linker helft van het stel wandelschoenen tegen zijn partner. ‘Zullen we nog lang onder in deze kast liggen? Ik heb zo onderhand wel licht en ruimte nodig. Ik begrijp niet waarom we aan het eind van de zomer zo diep weg worden opgeborgen.
Aan onze kleur en model kan het toch niet liggen want zodra het voorjaar wordt sleurt ze ons tevoorschijn. Dat gaat al jaren zo. Verslijten doen we niet, daar krijgen we de kans niet voor.  
Eigenlijk hebben we een betere behandeling verdiend. Stoer, degelijk en nog steeds goed in vorm.’

‘Het is moeilijk te accepteren dat je overal mee naar toe mag en aan het eind van het seizoen een borstel over de neus krijgt en weer voor maanden in de kast verdwijnt.
Heel wat straten hebben we belopen, weet je nog die rotkeitjes in Lille, wat had ze daar een moeite mee en wij er maar voor zorgen dat ze niet al teveel pijn in haar voeten kreeg.’
‘Nou dat lukte niet helemaal, want ze zat regelmatig op een terras. Haar man liep nog een paar extra straten om gevelstenen te fotograferen, maar zij hield het voor gezien.’
‘Gelukkig wel want zo fijn liep het daar niet. Ze deed alle moeite haar rechter enkel te sparen, wat denk je wat dat met je doet als schoen. Ik geef toch de voorkeur aan een goed betegelde stoep of een platgetreden wandelpad.’

‘Ja, maar als ze zeker weet dat de ondergrond redelijk egaal is kiest ze voor dat paar zwarte collega’s dat niet eens weet hoe donker het hier is. Die twee staan op een plek waar ze gemakkelijk bij kan.
Die mogen mee naar steden als Rome en Dresden waar het wat soepeler loopt.’
‘Bedoel je dat stel met klittenband in plaats van veters? Daar heeft ze drie paar van. Ook nog in rood en donkerblauw. Een glad trio zonder enige opsmuk. Geen stiknaad te zien en uitgevoerd in soepel leer. Onder een korte broek is het geen gezicht.’
‘Een korte broek? Die draagt ze toch nooit, althans niet op de openbare weg. Daar is ze veel te ijdel voor.’
‘Nee joh, maar als we mee mogen op de fiets en ze heeft van die korte enkelkousjes aan dan bestaat de kans dat ze de broekspijpen afritst en dan ziet het er met ons aan haar voeten nog redelijk sportief uit.’

‘Ja, nou je het zegt, nu herinner ik me de fietstocht in Drenthe die eindige in een rul zandpad, wat was dat stoffig zeg. Wij maar zwoegen naast die fiets en zand happen. Ik wist niet dat ze zo kon mopperen. Hoe zwaar ze dat gezeul naast de fiets vond en hoe moe ze werd en dat ze wel een witte wijn had verdiend op het eerste beste terras wat in zicht zou komen.
Wij werden helemaal geel, van het mooie bordeauxrood was niets meer te zien. En ‘s avonds naast de luifel van de caravan kregen we er flink van langs, weet je nog. We werden hardhandig tegen elkaar uitgeklopt. Ik heb dagen last van een gekneusde neus gehad. Daar heeft zij niets van gemerkt want de volgende dag moesten we haar het museum in Assen doorloodsen. Als ze het had geweten had ze ons vast een dagje rust gegund.’
‘Dat denk ik niet want ze had dat aparte bloesje aan waar wij zo mooi bij kleuren.’ Op dit moment in de tekst voelt het alsof ik tussen twee tantes op verjaarsvisite zit. Laat links met rechts ruzie krijgen. Laat links de zij aanbidden en dankbaar zijn voor de borstel en rechts altijd maar op pad willen, dan heb je een verhaal.
‘Oh ja natuurlijk ook zoiets belangrijks het moet allemaal wel bij elkaar passen. En ze wil ook nog comfortabel lopen. Daar moeten wij voor zorgen. Wat denk je waar gaan we dit jaar naar toe?
Ik zou wel weer eens naar Frankrijk willen. Of Denemarken, daar heeft ze ons zeker nodig als ze stenen wil zoeken, dan zijn wij stevige veterschoenen toch altijd van de partij. Een feest om mee te maken, stenen zoeken, daar beleeft ze altijd veel plezier aan. Oprapen, bekijken, keuren, terugleggen of meenemen.
Kijk daar is ze, hoor je het, ze pakt het mandje dat op de plank boven ons staat. Daarin zitten het kampeerrugzakje en de sleutels van de caravan. Ons seizoen is begonnen.’ Mooi slot.

Mooi verhaal, je had er echter meer uit kunnen halen door gebruik te maken van een tegenstelling. Verder met oog voor detail en liefde voor het woord geschreven.

Morgen de laatste opdracht.
Schrijf een stukje tekst over welk soort boek je zou willen zijn.

Dienen

Hij dient 
haar
samen dienen ze hun kroost

maandag 6 mei 2013

Waag de grote sprong

Door te gaan bloggen,
waagde ik een grote sprong.
Doodeng vond ik het,
maar ach alles went.

vrijdag 3 mei 2013

Tegenstelling

Netjes-Slordig
Aanleg nieuw riool
De chaos vlak voor het weekend was compleet
Kijk hoe netjes de mannen een doorwaadbare plek maken
foto ferrara

woensdag 1 mei 2013

Olielamp

Een sieraad op tafel
de prachtige design olielamp
cadeautje van een vriendin
tot de dag dat de walm toesloeg
en ik de laaghangende waas
te laat in de gaten kreeg
sindsdien doet de lamp
enkel nog dienst als blikvanger