zaterdag 30 april 2011

Rolschaatsen

Als kind was ik gek van rolschaatsen. Je kon die tak van sport nog op straat beoefenen. In ons dorp was dat de stationsweg, daar lag mooi asfalt en er was een lichte helling waar je kon uitrollen. Mijn rolschaatsen kreeg ik van Oma en ik herinner me dat ik niet bereid was een dag te wachten om die felbegeerde dingen in de stad te gaan kopen. Ze werden dus aangeschaft in de plaatselijke ijzerhandel die alleen het merk Gloria verkocht.
Mijn oudere broer, die van dezelfde Oma rolschaatsen van het merk Hudora had gekregen, vond dat ik op minderwaardig materiaal zou rijden en begreep niets van mijn ongeduld. Mij deerde het niet. Ik wilde rolschaatsen en wel meteen. Ik was helemaal in de Gloria met mijn aanwinst en heb er naar hartelust gebruik van gemaakt.

Enkele jaren geleden, met vakantie in Californië, raakte ik opnieuw in de ban van rolschaatsen en besloot na rijp beraad, ik dacht er een jaar over na, rolschaatsen te kopen. Dit keer waren het hele chique, zwartleren schoenen, rubberwielen en een stop onder de neuzen.
Als een kind zo blij toog ik met mijn aankoop huiswaarts, waar ik op de plavuizen in de gang en de keuken, met behulp van trapleuning en aanrecht overeind probeerde te blijven. Dat lukte aardig maar waar vind je glad terrein met dergelijke hulpmiddelen. En nog belangrijker, waar zet ik mijn eerste streken zonder publiek. Op het industrieterrein in de buurt oefende ik enkele avonden en geleidelijk aan ging het steeds beter. Zelfs de bochten begonnen goed te gaan en ik zag me al tochten maken in de polder.
Het is er helaas niet van gekomen. Blijkbaar stond ik toch niet stevig genoeg op de wielen want een val maakte een vroegtijdig einde aan de rolschaatscarrière. Beschadigde enkelbanden deden me weken kreupelen, brachten de lachers op mijn hand en scheurden mijn zelfvertrouwen aan flarden.
Mijn kleindochter ruilt haar knalroze rolschaatsen in voor die van mij als ze schoenmaat 39 heeft.

vrijdag 29 april 2011

Feest

Vanavond, we gaan even de stad in.
Ik hoor een vader tegen zijn kind zeggen.
“Als je me zoekt, ik ben die man in dat Oranje T-shirt.”

maandag 25 april 2011

Roddelen over jurkjes

Maastricht
foto ferrara


Gezien bij een kringloopwinkel.
Er staat echt Christian Dior.
Helaas is de foto niet scherper te krijgen

zondag 24 april 2011

Voorjaar

het echtpaar Merel
bouwt aan een onderkomen
voor eitjes in mei

zaterdag 23 april 2011

Wachten

De de dood is een gevoelig jongetje
Hij houdt van dansen en van kunst
Evenzogoed is de dood hopeloos
Tenzij je in het hiernamaals gelooft
Dan is er juist hoop op een leven, vol dansen en kunst misschien
Ik vind het gevoelige jongetje mooier dan de man met de zeis
De laatste is zo dreigend in zijn verschijning
Mijn hoogbejaarde schoonmoeder ligt in foetale houding op dat jongetje te wachten
Ze hoopt dat hij niet veel tijd meer nodig heeft en ze hoopt op hereniging met haar man
Ze voelt zich behoorlijk ziek maar hopeloos is ze niet

Zittend aan het ziekbed van mijn schoonmoeder combineer ik twee schrijfveren.
Ze zijn zo toepasselijk.

donderdag 21 april 2011

Even Weg

In De Kop van Overijssel, hebben we fantastische dagen.
Nog alle rust op de camping, we staan met de caravan op een veld, dat onderdeel is van een groter geheel.
In het hoogseizoen zouden we niet voor een dergelijke camping kiezen, te groot en te druk.
Nu zijn wij de enige kampeerders op dit veldje. We genieten van rust en vogelgeluiden.

Ik heb de CD met de vogeltop100 niet mee, dom, dom, want ik kan veel van de vrolijke fluiters, die we om ons heen hebben, niet thuis brengen. De uil die elke avond zijn weemoedige geluid laat horen lukt nog. Maar het verschil tussen kwikstaart, vink en pimpelmees wordt lastig. Kievit, tureluur en grutto moet ik minstens vijf keer horen, wil ik ze echt uit elkaar houden
We hebben zicht op een ooievaarsnest, voor ons westerlingen, een bijzondere ervaring. In dit deel van het land kijkt men daar niet meer van op. Het geklepper met die lange snavel herken je voor altijd als je het één keer hebt gehoord.

We wonen tussen de weilanden en het Noorddiep dat naar Giethoorn loopt.
Het dorp Blokzijl ligt op loopafstand. Daar, in het sluisje, is al het al een drukte van belang. Op het terras naast de sluis, is het goed toeven.
Fietsend verkennen we de omgeving en soms krijg je het gevoel zo een schoolplaat van Jetses in te rijden. Het uitbundige geel van de paardenbloemen en het lila van de pinksterbloemen kleuren goed bij elkaar. Het fluitekruid begint wit te schemeren. Overal bloeiende bloesem aan de bomen. Boerderijen onder aan de dijk, schapen en geiten in het weiland. Alleen Teun loopt niet met de schop op zijn schouder maar zit nu op een landbouwwerktuig dat diepe voren in de vette klei trekt.
Meeuwen en weidevogels in zijn kielzog want reken maar dat er veel lekkers naar boven wordt gewoeld.
Tot mijn verbazing is ook hier de bollenteelt opgerukt, gek genoeg vind ik het niet passen, dat hoort zo bij Noord en Zuid-Holland. Net als aspergevelden bij Limburg horen.

In een fluisterbootje varen we twee uur door de Weerribben, die er stil en schoon bij liggen.
Helder water, je kunt tot op de bodem kijken, waar de bladeren van de waterlelies bezig zijn zich een weg naar boven te groeien, sommigen is dat al gelukt, het wachten is op bloei.
Zo vroeg in het seizoen zijn wij ook hier de meeste tijd alleen. Een enkele kanoër peddelt voorbij.
Stilte is wat er heerst.
Op sommige velden naast het water is men doende het riet in schoven te zetten. Riet is de karakteristieke dakbedekking die je hier veelvuldig ziet.
Na het spelevaren, fietsen we over het prachtige fietspad tussen Ossenzijl en Muggenbeet, langs water en over smalle hoge bruggetjes, je moet de vaart er flink inhouden om niet halverwege te blijven steken. Als je aan dit water een vakantiehuisje huurt is dat enkel per fiets of boot te bereiken.
Bij de meeste huizen ligt dan ook een bootje in het water. Via bos en polder bereiken we Blokzijl.
Met een glaasje rosé en voor echtgenoot een biertje zakken we heerlijk onderuit onder ons luifeltje.
De vogels zingen de top 100.

donderdag 14 april 2011

Taalcuriosa

woensdag 13 april 2011

Even weg

Caravan
Weekje weg
Huis op wielen
Doorbreekt de dagelijkse sleur
Sleurhut?

dinsdag 12 april 2011

Een kapotte grasmaaier

In andermans tuin is het gras altijd groen
Moet toch eens wat aan die grasmaaier doen.

maandag 11 april 2011

Diaz

Daar zat hij, in zijn witte overhemd met het rolletje dat een verrekijker moest voorstellen, om zijn knuistje geschoven. Zijn klasgenootjes speelden en zongen, onder leiding van de juf, de sterren van de hemel. Twee meisjes in pyama en de rest uitgedost als zeerovers, op zoek naar de schat.
Diaz zocht niet mee. Even dacht ik dat hij de schat was. Maar hij bleef strak voor zich kijken en reageerde niet toen de juf hem over zijn blonde haar aaide. Diaz zat daar en leek zichzelf te zijn. Niet van plan deel te nemen aan schatzoeken en schipbreuklijden, laat staan de verrekijker te gebruiken. Toen na een half uur de schat was gevonden en alles toch nog goed was gekomen, schoot hij als een pijl uit de boog van de bank en nam, samen met zijn klasgenoten, met een diepe buiging het applaus van ouders en grootouders in ontvangst. Later zag ik hem achterop de fiets bij zijn moeder. Ik stak een duim naar hem op.
“Goed gedaan”. Een brede grijns viel mij tendeel.

dinsdag 5 april 2011

Je zult eraan moeten geloven

Mijn voeten gaan steeds meer pijn doen. Ik merk het voor het eerst bij de mooiste schoenen die ik heb, smalle leest en een klein hakje. Ik bombardeer ze tot zitschoenen. Maar als je naar de schouwburg wilt lopen, voldoen zitschoenen niet. Dit paar ruimt het veld, voor een wat degelijker stel met nog enige charme. Mijn werkschoenen zijn altijd al van het degelijke soort geweest en daar houd ik het nog een tijd op vol.
Zomerse sandaaltjes met van die kekke riempjes, worden op bepaalde plekken aan mijn tenen, helse riempjes. Ik zie het oerdegelijke schoeisel, ook voor de vrije tijd, opdoemen.
Ik heb er nachtmerries van.

Elders in mijn lijf beginnen er ook pijntjes te zeuren en de gang naar de huisarts is onvermijdelijk.
Ik zal hier niet mijn hele medische dossier lichten maar de zooltjes van de podoloog moet ik toch noemen. Want sinds ik die dingen kreeg aangemeten gaat het met de pijn in mijn voeten beter. Helaas passen de hulpstukken lang niet in alle schoenen. De tijd van pumps en ander charmant looptuig is voorgoed voorbij.
Ik moet eraan geloven, schoenen met veters of klittenband en zo weinig mogelijk versiering.
Als de stiknaadjes op de verkeerde plek lopen is het al mis. Dit weekend probeerde ik nog één dag mijn laatste paar zitlaarzen en die moesten er vandaag aan geloven, ik bracht ze naar de kledingbak, met pijn in hart en voeten.

maandag 4 april 2011

Ieder vervoert zijn eigen doden

Ik ben werkzaam geweest als zorgmanager in een verzorgingshuis en tekende daar de volgende anekdote op.
De grafdelver van de gemeente stapt mijn kantoor binnen en zegt:

“Ik ben bezig met het graf van meneer van E. Het is daar in de hoek aan de krappe kant, kan ik even de maat van zijn kist nemen, ik kan niet maken dat hij straks ruimte tekort komt.”
Samen gaan we naar de koelruimte waar meneer van E. in zijn kist op zijn uitvaart ligt te wachten.
De grafdelver trekt zijn duimstok en neemt vakkundig de maat terwijl hij mompelt: ”10 centimeter meer moet toch kunnen.”
Vervolgens tast hij onder het gedrapeerde satijn en zegt: “O jé, koperen hengsels, toch maar 20 centimeter extra graven. Ja hoor dat red ik.”
Opgewekt vertrekt hij weer naar zijn klus op de begraafplaats.
Meneer van E. wordt die week op “gepaste” wijze ter aarde besteld.

zaterdag 2 april 2011

Taalcuriosa

gevelstenen alom

Voor wie hier langskomt.
Klik eens op het schrijfveertje voor de voorjaarsspecial gevelstenen.

Terugkerende depressies

                                      
              Wolkenvelden
        Terugkerende depressies
                In je hoofd
             Of die met regen
                Somberheid